Persbericht Jaarverslag 2025 RvAC-Thema Armoede

PERBERICHT

14 augustus 2026

 

Ingewijden in essays voor jaarverslag Raad van Advies:

 

Armoedevraagstuk vergt urgent
structurelere aanpak dan tot nu

 

WILLEMSTAD – De Raad van Advies van Curaçao (RvAC) beschouwt verlichting van de armoede als een van de taken van de Curaçaose regering en vindt dat de Staten er bij de regering op dient te hameren om die inspanningsverplichting na te komen. Armoedebestrijding geldt als thema van het jaarverslag 2025 van dit hoogste adviescollege en wordt vanuit drie invalshoeken nader uitgewerkt in essays van emeritus-hoogleraar Jon Schilder, het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en mevrouw Jeannette Juliet-Pablo. De RvAC wil hiermee niet alleen een discussie uitlokken, maar ook dat er werkelijk actie ondernomen wordt om de armoedeproblematiek fundamenteel en duurzaam aan te pakken.

 

Traditioneel wordt armoede gemeten aan de hand van inkomens om te zien welke groep onder de armoedegrens valt. Die groep ontbeert de middelen om in hun basisbehoeften te voorzien. Maar omdat het armoedevraagstuk gecompliceerder is, past het CBS meerdere benaderingen toe. Dan ziet men niet alleen welke groepen financieel zwak staan, maar ook welke zich arm voelen of beperkt toegang hebben tot voorzieningen als voeding, kleding, stroom, water of een woning.

Volgens de klassieke methode ofwel de inkomensbenadering nam de armoede onder de bevolking toe van 25,1% in 2011 tot 30,4% in 2023. Ook bleek dat, gebaseerd op de resultaten van de in 2023 gehouden Census, gemiddeld 11% van deze huishoudens onder de armoedegrens zit, soms zelfs erg ver. In deze groep zijn alleenstaande ouders met twee kinderen (41%) en alleenstaanden (39,4%) het sterkst vertegenwoordigd. Het CBS-onderzoek toont ook aan dat deze groep vooral in wijken als Paradijs, Fortuna en Scharloo veel voorkomt.

Daarnaast is er de subjectieve benadering: hoe ervaren de mensen hun situatie? Volgens een publicatie van CBS van 2019 vinden ze zowat in alle types huishoudens dat ze meer geld nodig hebben om het hoofd boven water te houden.

Ook zij die boven de cijfermatige armoedegrens zitten, kunnen zich arm voelen, bijvoorbeeld wanneer zij gebukt gaan onder schulden. Nadere analyse geeft aan dat jonge huishoudens met een hoofd van 15 tot 24 jaar (45%) en huishoudens met iemand van 65 jaar of ouder aan het hoofd (40%), het moeilijkst rondkomen. Een derde methode is de multidimensionale aanpak, waarbij armoede wordt gemeten aan de hand van een scala aan aspecten. Op Curaçao keek CBS naar zaken als gezondheid, onderwijs, levensstandaard en levensonderhoud. Aangezien elk van deze drie methodes een ander aspect van armoede meet en alle drie van belang zijn, biedt een combinatie van deze gegevens een vollediger en genuanceerder beeld van de werkelijke armoedetoestand.

 

Armoede stress

Als pleitbezorger voor kwetsbare groepen sluit mevrouw Jeannette Juliet-Pablo hier naadloos op aan. Armoede raakt mensen vaak op diverse leefgebieden tegelijkertijd – zoals inkomen, onderwijs, gezondheid en huisvesting. Naast eigen wilskracht en bekwaamheid is deskundige hulp en begeleiding nodig, opdat deze kwetsbare groep de cyclus van structurele armoede doorbreken. Behalve dat overheidsvoorzieningen moeilijk toegankelijk zijn vanwege complexe procedures, administratieve lasten en geen begeleiding, raken deze mensen in de stress door schulden, ziekte en onzeker werk en dus inkomen. Velen schamen zich om voor hulp aan te kloppen. Als ze zich dan ook niet serieus genomen voelen, groeit het wantrouwen tegen de overheid verder, wat leidt tot nog meer uitsluiting. Onder dergelijke omstandigheden dragen lokale initiatieven van individuen, maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven bij tot meer duurzame oplossingen.

Overbelaste huishoudens, te weten een veelheid aan personen in één woning, legt een enorme sociale druk op ouders en kinderen. Als de ouderen niet bestand zijn tegen constante tegenslagen, leidt dat tot risicogedrag wat niet zelden uitmondt richting het criminele circuit. Elke dag het hoofd moeten breken om de eindjes aan elkaar te knopen brengt geen rust; eerder een ophoping van spanningen, aangeduid als armoedestress. In de regel treft dit mensen uit de lagere klasse en de onderlaag van de middenklasse. Behalve de al genoemde uitdagingen, confronteren zij hoge water- en stroomschulden, terwijl transport, bereikbaarheid en sociale relaties ook problemen vormen. De praktijk wijst bovendien uit dat armoede zich niet zelden van generatie op generatie voortzet.

Al deze toestanden belemmeren het levensgenot van mensen, de prestaties op school en de acceptatie in de buurt, wat zich kan manifesteren in asociaal gedrag, afwijkende keuzes en verkeerde prioriteiten en leefpatronen. Om deze situatie het hoofd te bieden moet volgens mevrouw Juliet-Pablo de kloof tussen overheid, maatschappelijke instellingen, bedrijfsleven en burgers overbrugd worden middels intensieve samenwerking.

 

Advies- en toezichtinstanties

Armoede is een mensenrechtelijk probleem. In zijn juridisch essay zet Prof mr. Schilder uiteen dat de overheid op basis van moderne sociale grondrechten, die een hele ontwikkeling hebben doorgemaakt, moeilijk om de morele zorgplicht heen kan om armoede bij de hoorn te pakken. Weliswaar is een beroep op de Grondwet, de Staatsregeling, bepalingen in internationale verdragen en aanbevelingen van het Comité van de Verenigde Naties voor vermindering van de ongelijkheid qua armoede binnen het Koninkrijk juridisch niet bindend en is de rechtbank in beginsel niet de aangewezen plek om naleving van sociale rechten af te dwingen, maar als controleur van de regering en medewetgever kan het parlement, de Staten, wel sturend optreden. Daarnaast hebben (op Curaçao) de adviserende en toezichthoudende instellingen als de Raad van Advies, de Ombudsman, de Algemene Rekenkamer en de Sociaal-Economische Raad een rol om bij de overheid te blijven hameren op naleving van de verplichtingen uit sociale rechten voortvloeien.

 

Integrale aanpak

Concluderend is de RvAC van mening dat de overheid het complexe armoedevraagstuk vaak te eenzijdig benadert met weinig effectieve oplossingen zodat structurele verbeteringen uitblijven. Er wordt daarom een lans gebroken voor een integrale aanpak en samenhangend beleid, gecombineerd met bereidheid om waar nodig systemen fundamenteel te herzien en te verbeteren. Voorkomen moet worden dat de aanpak verzandt in beleidsvorming en analyses zonder dat er concrete maatregelen en resultaten uit voortvloeien.

Namens de Ondervoorzitter van de Raad van Advies Curaçao
Mevrouw mr. C. M. Raphaëla, Secretaris